Hoe leuk is dat? U heeft een strandbal van ons gekregen, maar wat moet u er toch mee? Zeker als uw kind nog maar een baby is. We horen u denken, daar kunnen we toch niks mee beginnen. Hier onder staan een aantal  oefeningen ter stimulering van de ontwikkeling van uw kind. Zelfs met w baby kunt u hiermee al aan de slag!

Middels deze oefeningen kunt u in de verschillende leeftijdscategorie√ęn met dezelfde bal oefenen. Veel plezier! Namens de kinderfysiotherapeuten van FysioSterk

Oefeningen met de strandbal:

3- 6 maanden:

Uw baby ligt op de rug en geef de strandbal aan uw baby. Door de grootte van de bal zal er automatisch handen- en voetenspel gestimuleerd worden. Dit handen- en voetenspel is ook bevorderend voor het beter liggen op de buik. Doordat in rugligging op deze manier de buik- en de borstspieren gestimuleerd worden, ondersteunen deze spieren het oprichten als uw baby op de buik ligt. Dus een mooie oefening als uw baby het liggen op de buik moeilijk en niet leuk vindt. Het oefenen van het liggen op de buik, blijft natuurlijk ook belangrijk.

Leg uw baby op de buik op de strandbal . Waarbij het steun neemt met de onderarmen/ellebogen op de bal.
Hierbij stimuleert u het oprichten in buikligging.  Wanneer u uw baby van links naar rechts beweegt stimuleert u ook het gewicht verplaatsen. Dit gewicht verplaatsen is goed voor het uitbreiden van het grijpen en reiken in buikligging. Dit is vooral voor kinderen vanaf 5 maanden.

6 maanden tot 18 maanden:

Omdat de spreiding van motorische ontwikkeling in deze leeftijd groot is hebben we verschillende uitdagende oefeningen die de motorische ontwikkeling kunnen stimuleren.

Denk hierbij aan het gebruik van de strandbal om uw kind te laten omrollen, tijgeren, kruipen en lopen.
Omrollen; zorg dat de strandbal op navelhoogte ligt naast het kind en daag uw kind uit om naar de zij te rollen. Wanneer uw kind op de zij gerold is dan kunt u de strandbal op hoofdhoogte van het kind leggen om zo te stimuleren dat het kind verder naar buikligging rolt.
Tijgeren/kruipen; Laat uw kind met de strandbal spelen en pak het daarna weer af. Leg de strandbal dan een stukje verder en daag uw kind uit om hem te pakken.
Lopen; Breng de strandbal op ooghoogte van uw kind en loop rustig een stukje naar achteren. Daag uw kind uit om te volgen. Wanneer uw kind nog niet in staat is los te lopen, kan de strandbal ook mooi gebruikt worden om overstapjes te stimuleren. Dit kan bijvoorbeeld van tafel naar bank. Leg de strandbal op de bank en als het kind de bal wil pakken, verplaats de strandbal dan naar de tafel. Zorg dat de afstand in het begin niet te groot is, want dan gaat uw kind waarschijnlijk eerst weer naar kruiphouding.

18 maanden tot 2,5 jaar:

Als je kind loopt kun je de bal mooi gebruiken voor het uitbouwen van het lopen en het vergroten van de stabiliteit. Hieronder een paar tips;

  • Rol de bal zachtjes tegen uw kind aan als het staat. Zo moet het corrigeren om te blijven staan. Dit kan je steeds iets harder doen zodat uw kind steeds meer moeite moet doen.
  • Laat uw kind schoppen tegen de strandbal. Probeer uw kind uit te dagen om dit voor zowel links als rechts te doen.
  • Rol de bal hard weg en laat uw kind proberen om sneller dan de bal aan de overkant te zijn.

2,5 tot 4 jaar:

Gebruik in deze fase de bal ook voor het verder stimuleren van het rennen, springen en staan op 1 been. Hieronder volgen wat tips;

  • Rol de bal hard weg en laat uw kind proberen om sneller dan de bal aan de overkant te zijn.
  • Laat uw kind op 1 been gaan staan en probeer de bal onder het geheven been door te laten rollen. Doe dit voor het linker en rechter been.
  • Laat uw kind ook tegen de bal schoppen en geef als opdracht schop zo hard als je kan. Doe dit voor het linker- en rechterbeen.
  • Gooi de bal zelf zo hoog mogelijk en daag uw kind uit om hoger dan de bal te springen.